parallax background

Vier musketiers

fietsvakantie in Frankrijk
Een pittig verjaardagscadeau
september 15, 2021
 

Donderdag 22 juli - Lunéville

 

De rustdag heeft wonderen gedaan. Papa heeft zoveel mogelijk stil gezeten en optimaal kunnen genieten van de rustdag. In onze planning staat geen rustdag meer tot het einde. We weten niet we dat zullen halen, maar we vervolgen onze weg alleszins met die instelling. De route die we volgen heet De Groene Weg naar de Middelandse Zee. De route start in Maastricht en eindigt aan de zee. Wij fietsen niet tot aan de zee, maar eindigen via een omweg naar de Mont Ventoux in Avignon, dat is toch het plan. Die Mont Ventoux is het idee van mij en mijn twee broers. Die uitdaging sprak ons meer aan de laatste honderdvijftig kilometer over vlakke wegen in de brandende hitte tot aan de zee. Na de fysiek zware dagen voor de rustdag twijfelt papa of het Mont Ventoux-plan wel zo'n goed idee is. 'We zien wel als we daar zijn,' zeg ik steeds.

Ons eerste dagdoel na de rustdag is een dorpje op 85 kilometer waar een camping municipal ligt. De voetnoot in onze reisgids uit 2018 doet ons een beetje twijfelen. *De camping is gesloten in 2017 en het is nog niet duidelijk wanneer deze terug open gaat. De reisgids heeft gelijk, de camping is nog steeds dicht. Op negen kilometer, weliswaar van de route af, ligt een andere camping. De eerste dag na de rustig belooft al meteen meer dan 90 kilometer te zijn. De andere camping is de hele maand juli gereserveerd door een scoutsgroep. Ze verwijzen ons naar de volgende plek, slechts een paar kilometer verderop. Na 95 kilometer voelt een paar kilometer met een lange klim zwaarder als de 95 kilometer ervoor. Op exact 100 kilometer klokken we af bij camping Ecolonie.

 

Vanaf dat moment krijgt onze reis de routine die we op voorhand met elkaar hadden bedacht. We wilden het Frankrijk-gevoel ervaren met croissants, wijntjes, kaas en stokbrood. We wilden een goede balans tussen inspanning en ontspanning. Om acht vertrekken en rond vier aankomen leek ons ideaal. De eerste acht dagen kwam daar weinig van. Het lukte ons niet om op tijd op de fiets te zitten en vroeg aankomen zat er helemaal niet in. De volgende ochtend zitten we om kwart over acht op de fiets. Na twintig volgt de eerste bakker stop. We kopen stokbrood en een paar croissants. Papa vraagt of ze koffie hebben. Dat hebben ze niet, maar de bakkersvrouw wil wel een kopje koffie zetten in haar eigen keuken. Papa komt buiten met twee koppen koffie, geschonken in het beste servies van mevrouw de bakker. Als we zestig kilometer hebben afgelegd, zoeken we een lunchplek. We zoeken een bankje of zetten onze campingstoeltjes op. Daarna hebben we nog vijfentwintig kilometer te fietsen om vervolgens voor vier uur aan te komen op onze volgende camping. We hebben de juiste routine gevonden.

 

De dagen erna fietsen we steeds verder naar het zuiden in Frankrijk. We fietsen door de uitlopers van de Vogezen en de Jura, over rustige wegen in het groen en door prachtige kloven met hoge rotswanden. En plots staan we midden op het marktplein van een levendig dorp. Er staat een gezellig marktje en mensen drinken koffie op het terras. Het marktplein is gevuld met grote platanen waaronder witgele dolomiet ligt. De huizen zijn in lichte gele, witte en beige kleuren bepleisterd. Hoewel het nog vroeg is, stralen de gevels en de straten al warmte af. We fietsen door het dorp, gevolgd door lange rechte wegen met uitgestrekte zonnebloemvelden. Het ruikt, voelt, klinkt en ziet er anders uit. We zijn in Zuid-Frankrijk.

We fietsen van het ene Provençaals dorpje naar het andere. In vergelijking met de eerste week fietsen we nu iets trager en dat scheelt enorm voor papa. Hij valt niet uitgeput in slaap op zijn campingstoel, maar kan voldaan een boek lezen als we aankomen. Onze gemiddelde snelheid bedraagt ongeveer vijftien kilometer per uur. Dat is een pak lager dan de negentien kilometer per uur wij tijdens onze wereldreis door Frankrijk fietsten. 's Avonds koken we zelf of we gaan uiteten. Zeventien nachten in een tent vond papa geen probleem, zolang we maar af en toe zouden uiteten. Eten ontbreekt sowieso niet op onze tocht. We verorberen meerdere croissants, chocoladebroodjes, appelflappen en ijsjes, gevolgd door wijn en bier in de avond. Een vleugje luxe in het eenvoudige fietsersleven.

 

Drie dagen voordat we in Avignon aankomen, vertrekken we in Crest. We kijken allemaal kijkt uit naar vandaag. Volgens de routegids is het komende deel een van de mooiste stukken van de hele route. Voor papa is het de laatste lange fietsdag. Simon, Maxim en ik kijken vooral uit naar het eindpunt van de dag. We fietsen naar de voet van de Mont Ventoux die we morgen proberen te bedwingen. Ignace heeft een paar dagen geleden al besloten dat hij niet mee naar boven gaat. Hij haalt er geen plezier uit en is al voldaan met alle andere beklimmingen die we hebben gedaan. Vandaag wachten er bovendien twee klimmen van zes kilometer. Dat is zijn Mont Ventoux. De eerste klim is ruim zes kilometer lang en gaat over een smal asfaltwegje, door een prachtige kloof en langs prachtige vergezichten. We voelen het klimmen bijna niet, zo mooi is het. Puur genieten. Trots steekt papa zijn hand in de lucht als we bovenkomen. De tweede klim gaat over een bredere en drukkere weg. Hoewel het stijgingspercentage en de lengte hetzelfde is, voelt deze twee keer zo zwaar. Het blijft een mentaal spelletje.

Na de lunch verschijnt de top van de Mont Ventoux in beeld. Vanaf dit punt verlaten we de Groene Weg en volgens ons eigen pad. Ik heb zelf een route uitgestippeld over kleine, rustige wegen. Het is puffen en zweten. We halen Malaucène, de voet van de Mont Ventoux niet, maar vinden een camping op vijftien kilometer. Papa valt weer in slaap op zijn campingstoeltje. Hij heeft vandaag zijn overwinning behaald en mag trots zijn dat hij zijn drie zoons al vijftien dagen volgt. Drie maanden geleden lag hij nog op de operatietafel voor een hernia in zijn rug. Hij heeft vier keer gefietst voordat we vertrokken. Het is geen wonder dat hij het zo zwaar had. Dertig jaar ouder en helemaal niet fit. Als je het zo bekijkt, is zijn prestatie de meest bijzondere van ons allemaal.

 

Het is zuiders heet en zelfs zonder het dekzijl op de tent was het veel te warm om te slapen. Met kleine oogjes kruipen we uit de tent. 'Die vermoeidheid fietsen we wel uit,' zegt ik. Papa maakt zich geen zorgen. Hij fietst vandaag de korte route van Malaucène naar Bedouin. Simon, Maxim en ik gaan wel over de top. In Malaucène kopen we een voorraad croissants, bananen en energierepen voor onze beklimming. Papa gaat rechtdoor, wij slaan linksaf. "Mont Ventoux, 21 kilometer" staat er op het verkeersbord. Even later staat er een informatiebord dat ons vertelt dat we gemiddeld 7,5% stijgen gedurende 21 kilometer. De steilste kilometers zijn 12% gemiddeld. Het maakt ons niet uit, afzien zullen we zeker doen. We hebben één doel: een fietser zonder bepakking inhalen. Al snel realiseren we ons dat dit een zeer zware uitdaging wordt. De ene na de andere fietser op een racefiets steekt ons voorbij. Schijnbaar moeiteloos fietsen ze naar boven, alsof wij bijna stilstaan. Als er toch eentje wat moeizamer fietst, zeggen we hoopvol 'Die pakken we later terug.' We zien ze nooit meer terug, totdat een Belg ons tergend langzaam inhaalt, gevolgd door een man die vanaf de eerste kilometers zwalkend naar boven rijdt. We krijgen hoop.

21 kilometer klimmen aan dit stijgingspercentage is zwaar. Omdat Ignace er niet bij is, fietsen we sneller dan de afgelopen twee weken. Bovendien willen we niet voor elkaar onderdoen. Iedere kilometer staat er een betonnen paaltje naast de weg dat het stijgingspercentage van de komende kilometer aangeeft. Na 10 kilometer klimmen, hebben we even zicht op de top. 'Puf, dat is demotiverend,' roept Simon. Het lijkt onwaarschijnlijk dat we amper elf kilometer nodig hebben om daarboven te staan. We weten dat er hele steile kilometers aankomen. Voor ons fietst de Belg die we meter voor meter inhalen. Het lukt ons om hem in te halen, missie geslaagd. Vanaf dan is het afzien tot boven. Samen halen we de top, al is het Simon die met sprekend gemak het sprintje wint. Tegen zijn racefiets en klikpedalen maken Maxim en ik geen schijn van kans. Bovenop de top is het ontzettend druk met fietsers die een voor een voor het bord willen poseren. We krijgen heel wat felicitaties van de racefietsers die verbaasd naar onze bepakte fietsen kijken. Ik weet niet of het extra zwaar is, want zonder bepakking fiets je gewoon sneller bergop. Zij denken in ieder geval van wel en dat maakt ons stiekem wel een beetje trots. 's Middags rusten we uit op de camping, genieten van het zwembad en een rosé op het terras. We sluiten de dag af met een kaas- en wijnavond. Het is de laatste avond van onze reis. Morgen rest ons 45 kilometer naar Avignon waar we 's avonds de bus terug naar huis nemen. Het was onvergetelijk!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Volg onze reis!

Onze nieuwste verhalen en avonturen wil je niet missen! Laat je email achter en ontvang 10 keer per jaar onze nieuwsbrief!

You don't want to miss our latest stories and adventures! Leave your email and you'll get our newsletter 10 times in a year!

 

Gelukt! Je krijgt binnenkort de eerste nieuwsbrief in jouw mail!